Niet doen = vrijheid

Anno 2012 zien wij vrijheid doorgaans als iets doen en lijkt het er sterk op dat wij zijn vergeten dat vrijheid ook niet doen is. Sterker nog, het zou wel eens zo kunnen zijn dat juist door het erkennen van grenzen vrijheid ontstaat.

Niet doen als vrijheid is mijn inziens minstens een hele generatie vergeten. Graaien, plat genieten en radicaal hedonisme hebben een aantal decennia geheerst. Vele filosofen hebben in het verleden gewaarschuwd voor het vergeten van grenzen en daarom zijn overconsumptie, overmatige schulden en gigantische ongelijkheid zo dom. De Griekse filosoof Epiktetos (55 – 135) schreef:

“Eenmaal voorbij de juiste maat, is er geen grens meer.”

De Duitse schrijver Johann Wolfgang von Goethe (1749 – 1832):

“In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister.”

De Indiase spiritueel leraar Jiddu Krishnamurti (1895 – 1986) stelde:

“Vrijheid bestaat uit het erkennen van grenzen.”

Gelukkig zijn wij deze lessen niet helemaal vergeten. De Poolse filosofe en generatiegenoot Alicja Gescinska stelt in haar onlangs verschenen boek De verovering van de vrijheid:

“De ware vrijheid is begrensde vrijheid. Zij is begrensd door een morele wet.”

Zij heeft gelijk.  Het geloof ‘martijn vrij, wij allemaal vrij’ is simpelweg onmogelijk voor de hele wereldgemeenschap. Wij zullen vrijheid op een of andere manier moeten herdefiniëren en zijn dit deels al aan het doen. Steeds meer mensen beseffen zich dat niet achter de kudde aanhobbelen vrijheid is; dat je juist door niet mee te doen aan massaconsumptie vrij kunt zijn. Een doordacht hedonisme is anno 2012 dus nog steeds mogelijk op aarde. Dit wordt bereikt door geregeld niet doen – ofwel grenzen stellen – als vrijheid te beschouwen….

vrijheid loesje

Geld en slavernij

Lev Tolstoj  (1828-1910) stelde ruim honderd jaar geleden:

“Geld is een nieuwe vorm van slavernij, te onderscheiden van de oude door het simpele feit dat het onpersoonlijk is, er is geen menselijke relatie tussen de meester en de slaaf.”

Helaas krijgt Tolstoj steeds meer gelijk; ons huidige geldsysteem lijkt steeds meer op een slavernij systeem. Steeds meer mensen hebben namelijk banen die zij eigenlijk niet zien zitten, maar moeten doorgaan omdat zij hun schulden moeten aflossen. Zij besteden hun dus tijd niet op de manier die zij zelf wensen. In zeker zin zijn zij dus onvrij, is hun tijd het eigendom van een ander persoon of een instelling.

Het is onacceptabel dat schulden onze bewegingsvrijheid ernstig beperken en het is schrijnend dat dit probleem momenteel op grote schaal genegeerd wordt. Johann Wolfgang von Goethe (1759-1832) schreef ooit:

“Niemand is hopelozer onderworpen aan slavernij dan zij die onterecht geloven vrij te zijn.”

Begin 21ste eeuw heeft iedereen schulden. Cijfers van McKinsey laten zien dat de totale schulden van consumenten, bedrijven, de overheid en de financiële sector  in westerse economieën de afgelopen decennia zijn geëxplodeerd: rond 1990 bedrogen de totale schulden tussen de 120% en 200% van het BBP en in 2010 waren de totale schulden gegroeid tot tussen 240% en 450% van het BBP. Voor steeds meer zaken dienen wij geld lenen. Volgens het Consumer Financial Protection Bureau hebben Amerikaanse studenten inmiddels $1.000.000.000.000 geleend. De rentelasten op de schulden zijn enorm. 12% ($414 miljard) van de staatsbegroting van de VS bestond in 2009 uit rentebetalingen.

 Steeds meer mensen realiseren zich dat de toename van de schulden geen puur economische kwestie is; het is met name een politiek construct. Schulden horen bij het neoliberale denken en omdat dit denken de afgelopen decennia heeft geheerst zijn de schulden gestegen, en door deze toename van de schulden is de toekomstige tijdsbesteding van steeds meer mensen in steeds hogere mate vastgelegd. Wij zijn steeds meer tijd kwijt om onze private en collectieve schulden terug te betalen. Wij kunnen nauwelijks anders dan concluderen dat schuld een mechanisme is om individuen en staten te controleren. De socioloog en filosoof Maurizio Lazzarato stelt in een interview:

“Het is de terugbetaling van de staatsschuld die ‘beslist’ over de daling van de lonen, de afslanking van de sociale diensten, de uitgaven van de staat. Dit beïnvloedt onze levensstijl en maakt het onmogelijk om een breuk of een andere richting te overwegen. De schuld neutraliseert de tijd, dé grondstof van elke politieke of sociale verandering. Dit laat toe om een regressieve sociale organisatie op te leggen. Dit allemaal voor een schuld die nooit zal terugbetaald worden. Vanuit een economisch standpunt is dit waanzin!”

Wij zullen op een of andere manier moeten breken. Schuldsanering is een goede optie. Wij mogen niet accepteren dat geld mensen tot knecht maakt. Geld is een middel om zaken in de toekomst te realiseren; dit middel mag niet de toekomstige tijd van mensen vastleggen. We mogen onze ogen niet sluiten voor de slechte kanten van geld. Het machtsinstrument geld heeft er voor gezorgd dat eigendom is gecentraliseerd. Een herdefiniëring en herverdeling van geld en eigendom zijn dan ook onvermijdelijk. En dit kan. Het is een kwestie van doen.

Ook de goden vervelen zich….

Verveling. Ieder mens kent deze gemoedstoestand wel. Verveling is een ongenaam gevoel van desinteresse, van lusteloosheid, van geen zin hebben.Volgens  Kierkegaard (1813-1855) en Nietzsche (1844-1900) komt verveling niet alleen bij mensen voor, maar ook bij goden. Kierkegaard schrijft:

“Omdat verveling toeneemt en omdat verveling de wortel van het kwaad is, kan het geen wonder zijn dat de wereld achteruitgaat en het kwaad toeneemt. Dit kwaad was al in het begin van de wereld aanwezig. De goden verveelden zich, en dus schiepen ze de mens…”

In De Antichrist schrijft Nietzsche dat de goden vergeefs tegen de verveling strijden en dat zij om de verveling te overwinnen de mens hebben uitgevonden. Maar al snel kwamen de goden er achter dat  ook de mensen zich vervelen. Volgens Nietzsche beviel dit de Goden niet. Hij stelt:

“Het wordt de goden zwart voor ogen – wat te doen! – De oude god vindt de oorlog uit, hij scheidt volkeren, hij zorgt dat mensen elkaar vernietigen.”

Indien ik anno 2012 naar onze levens kijk, valt het op hoeveel wij doen om de verveling te ontwijken. We zijn hyperactief om maar niet de confrontatie met het niets aan te hoeven gaan. Toch lukt het ons nooit helemaal de verveling uit onze levens te bannen; ondanks drukke levens overrompelt de verveling velen nog steeds. Verveling is misschien wel het belangrijkste kenmerk van de mens. Goethe zei al:

“Als apen er zouden in slagen zich te vervelen, dan zouden ze mensen kunnen worden.”

Ik denk dat pas indien wij om kunnen gaan met het niets en verveling dus van binnenuit overwinnen, oorlogen, geweld en onderlinge strijd te stoppen zijn. Het is lastig verveling te overwinnen. Dat blijkt telkens weer. Ook in mijn eigen leven. Toch denk ik dat verveling overwonnen kan worden en dat zowel de goden als de mensen dit kunnen.